Table of Contents

A

AROE PASAGRANI

Zelfbestuurder van Alla, Bartle ontmoet hem in pare pare.

Voor dagboekfragmenten klik hier.

P

PATOIR

Vrijdag 7 juni

Het is donker als we in Singkang aankomen. Ik ga naar de passanggrahan, die ook hier weer heel mooi op een heuveltje ligt. (…) Er wonen een paar officieren van het garnizoen in Singkang met hun vrouwen en kinderen. De mannen zijn op weg naar Paloppo, ik ben hen tegengekomen. De troep zal daar heen worden verplaats. De kinderen zijn aardig en hebben hele verhalen. Na het eten heb ik nog wat met Mevrouw Patoir, de vrouw van de kapitein, zitten praten. Ook al zorgen en moeilijkheden. Nu weer overgeplaatst, de hoeveelste keer al in enkele luttele maanden. Nu naar Paloppo en daar krijgen ze een groot huis, maar geen enkel meubel hebben ze. Niets. Het gaat in een passanggrahan waar meubels zijn, maar nu krijg je een huis aangewezen en je moet erin wonen, waarmee? Geen bed, niets is er. Hoe kom je eraan en hoe moet je het betalen? Voorlopig kijken we maar wat uit over de vlakte beneden ons en de elektrische lichtjes en vaag, heel vaag in de verte het meer van Singkang.